week 19, mei 1967

Boerderij van de heer H. Hoekstra aan de Oudebildtdijk geheel in de as gelegd. Zaterdagmorgen 6 mei, even over negen uur, ontstond vermoedelijk door kortsluiting brand in de boerderij van de heer H. Hoekstra aan de Oudebildtdijk onder St.-Jacobiparochie.

Het vuur, dat boven in de boerderij ontstond, greep aangewakkerd door de vrij harde wind zo snel om zich heen  dat de zuidwestzijde in luttele minuten één laaiende vuurzee was.
De brandweer van St.-Annaparochie stond voor een onmogelijke taak en kon niet voorkomen dat alles volkomen uitbrandde. Van de boerderij sloeg het vuur over op het woongedeelte en ook dit ging verloren. De brand werd ontdekt door de 7-jarige Jan, de jongste van de drie zonen van het echtpaar  Hoekstra.
Vader Hoekstra heeft nog getracht enige landbouwwagens naar buiten te rijden, maar daarvoor was zelfs geen tijd meer. Een koe en een kalf konden in veiligheid worden gebracht. De boerderij stond ongeveer 600 meter van de Oudebildtdijk af maar het overwaaiende vuur vormde toch een ernstige bedreiging voor de tegen de dijk staande boerderij van de heer A.  Hoogterp. Het rieten dak vatte vlam, maar door direct ingrijpen van de brandweer kreeg men dit vuur onder controle.

De stolp ôfbrând, maar de kooi bewaard bleven. De sundegs na de brând troffen wy de beweuner derfan. Na wat over de brând praten te hewwen, hoe’t ’t meskien kommen waar, dat ’t ’n geluk waar dat de poaters al in ’e grônd satten, want die stonnen derfoor in ’e skuur, en andere dutten en datten, klaarde inenen syn gesicht op.
De hând kwam in ’e bús en met ’n glunder geicht houde hij ôns ’n kooi foor, ’n kooi soa’t die brúkt wort foor ’t kooitsytipelen. Kyk, saai-y, myn klompen en alles bin ’k kwytraakt. Ik hew sels ’n pak an fan myn buurman, maar deuze hew ik nag. En al waar ’t ’n relekwy, de kooi kwam weer kreas in ’e bús. Dut staaltsy Bildts húmmor - of wat ’t dan ok weze mâg, leken ôns te mooi om te ferswigen. HSB.

Bildtse Post